| |
DEZE SOORT WORDT
VOOR ZOVER BEKEND NIET MEER GEHOUDEN.
Nederlands: Paardenspringmuis
Wetenschappelijk: Allactaga tetradactyla
Engels: Four-Toed
Jerboa

Frans: Gerboise
à quatre doigts
Duits:
Vierzehen-Pferdespringer
Herkomst:
De Paardenspringmuis komt voor in
Egypte en Libië. Ze leven daar in steppen, woestijn- en halfwoestijngebied,
altijd in de buurt van zoutkusten.
Ze bouwen een heel simpel holenstelsel, waar ze overdag in vertoeven. Het is
meestal maar 150 cm diep en heeft 2 gangen. Ze verblijven er vaak maar kort,
trekken veel rond. Sommige dieren leven solitair maar er zijn ook groepen
waargenomen in het wild.
Ze zijn nachtactief.
Uiterlijk:
Lichaamslengte: 10-12
cm.
Staartlengte: 15-20cm.
Gewicht: 50-60 gram.
De paardenspringmuis is een opvallend
dier. Hij is op de rug en kop geel/oranje met een donkere ondervacht, de buik is
wit. De haren onder de poten zijn wit. Zijn staart is kaal met aan het einde een
pluim van zwart en wit haar.
Ze hebben een kleine kop, met een stompe neus, grote zwarte ogen en hele grote
rechtopstaande ovale oren. De oren zijn onbehaard. Hun achterlijf is slank met
enorme achterpoten en hele kleine voorpootjes. Ze “lopen” dan ook alleen op
hun achterpoten rond. Aan de achterpoten zitten 4 tenen, de tenen zijn behaard
met witte haren. Deze beschermen tegen wegzakken in het zand en tegen de hitte.
De Allactaga sibirica heeft 5 tenen aan de achterpoot.
Als de dieren net wakker worden zijn de oren nog helemaal dubbel gevouwen,
naarmate ze wakker worden, gaan deze rechtop staan.

Je kunt zo duidelijk zien dat de oren plat tegen het hoofd liggen tijdens het
slapen, verder zijn hun poten helemaal onder het lijf gevouwen en de staart wordt er meestal omheen gelegd.

Deze foto laat een zeer slaperige hoog bejaarde Paardenspringmuis zien. De
oogjes worden dichtgeknepen tegen het licht en de oren zijn nog dubbel gevouwen.
Gedrag:
Deze bijzondere dieren zijn erg vriendelijk en zullen niet snel bijten. Ze
slapen overdag en komen alleen s’nachts tevoorschijn.
In gevangenschap soms ook overdag als ze een geluid horen wat hun interesse
wekt.
Ze graven gangen in het zand, hiervoor gebruiken ze hun kleine voorpootjes en
hun snuit.
Ook voer wordt aangepakt met de kleine voorpootjes.
Als de dieren schrikken kunnen ze wel 3 meter ver springen en 1 meter hoog.
Als ze in de natuur opgejaagd worden springen ze iedere keer een meter hoog en
tijdens het springen veranderen ze met hun staart van richting om zo de vijand
af te schudden.
Erg opvallend is hun aparte slaaphouding. Meestal liggen ze op hun zij met de
kop iets gedraaid en de poten helemaal gestrekt.
Of ze zitten op hun kont met de poten onder zich gevouwen en met de kop op de
borst. Ze worden zo vaak voor dood aangezien, maar niets is minder waar, bij
aanraking of het horen van een geluid, schieten ze zo weg.
Huisvesting:
Het mooiste is een verblijf van 1.50 tot 2 meter breed, hier kunnen ze goed in
springen/lopen. De hoogte kan 60-80 cm. zijn. Hoger is onnodig de sprongen van 1
meter in de natuur worden alleen genomen bij vluchtgedrag, dit zien we echter in
gevangenschap nooit.
Huisvesting op zand is het allerbeste, de dieren kunnen vrijwel niet op andere
materialen gehuisvest worden omdat hun vacht daar niet tegen kan. De vacht wordt
vet, dat zorgt voor warmteverlies en uiteindelijk zal het dier sterven aan
hoogstwaarschijnlijk een longontsteking.
In het verblijf dient een warmtelamp aanwezig te zijn en de temperatuur dient niet
onder de 18 graden te komen. Het mooiste is een constante temperatuur van 22-26
graden en in de zomer mag het zelfs warmer zijn, tot 30 graden.
In de natuur is het s’nachts tussen de 18-20 graden, overdag 22-26 met
uitschieters tot 30 graden.
In de natuur houden de dieren een winterrust van 4-6 maanden.
In gevangenschap merk je hier niet veel van, dit heeft vooral met hun nachtactiviteit
te maken. Ze slapen in de rustperiode veel meer dan normaal, maar dit merk je
bijna niet, omdat de meeste mensen s'nacht ook slapen. Wel kan het zijn dat
ze minder eten.
De dieren gebruiken een simpel gangenstelsel om deze stevigheid te bieden kun je
het beste pvc buizen gebruiken en die onder het zand aan elkaar koppelen om zo
een natuurlijke omgeving te maken. Wij gebruiken een papegaaiennestkast als
slaapplaats. Als nestmateriaal zijn verschillende dingen geschikt; sisal, hooi,
hondenhaar, schapenwol of keukenpapier/tissue.
In de natuur gebruiken ze kamelenhaar als nestmateriaal.
De dieren leven in de natuur zowel solitair als sociaal. In gevangenschap zijn
ze in kleine groepjes te huisvesten of per koppel/trio.
Voortplanting:
Geslachtsrijp: 4 maanden
Draagtijd: 25-28 dgn.
Aantal jongen: 2-6
Ogen open: onbekend
Zoogtijd: waarschijnlijk 6-8 weken, maar er is in gevangenschap nog nooit
mee gekweekt.
Levensverwachting: 4-5 jaar
Paardenspringmuizen planten zich erg moeilijk voort. Vaak worden drachtige
dieren geïmporteerd, helaas overleven de jongen dit vaak niet en worden ze bij
geboorte direct opgegeten.
Na een draagtijd van 25-28 dagen worden er 2-6 naakte jongen geboren.
Wanneer de ogen open gaan is niet bekend evenals de zoogtijd.
Ze zijn geslachtsrijp na 4 maanden.
De gegevens die wel bekend zijn, komen voort uit studies in de natuur naar deze
dieren.

Voeding:
In het wild eten ze grassen, zaden, vruchten en andere plantendelen. Ze eten
geen insecten.
De Allactaga sibirica echter wel, dat is een echte insecteneter.
Er is voeding speciaal voor
springmuizen te verkrijgen. Het voer is afgestemd op de karige levenswijze van
de springmuis. De voeding bevat veel natuurlijk delen.
De voeding is op beurzen in Nederland te verkrijgen, de hoofdleverancier zit in
Duitsland.
Water is aan te bieden in een drinkfles.
Geef altijd water ook als dit afgeraden wordt, de dieren drinken maar weinig,
maar ze gebruiken het wel.
Leg bij deze dieren een zoutliksteen in het verblijf, door hun leven nabij de
zoute kustwoestijnen hebben ze dit nodig.
Springmuizen maken een enorme bende van hun eetplaats. Als het zand vervuilt raakt
wordt direct de vacht vet (zie foto) Je kunt het zand zeven en zodra de dieren
dan weer een zandbad nemen is hun vacht weer in de normale conditie.
|