|
Nederlands: Chinese dwerghamster
Wetenschappelijk:
Cricetulus griseus
Engels:
Chinese Hamster, Chinese Striped
Hamster
Frans: Hamster nain de Chine
Duits:
Chinesischer
Streifenhamster, Chinesischer Zwerghamster
Herkomst:
De Chinese dwerghamster komt voor in Noord-China en Mongolië.
Ze leven daar in bossen, steppen en
woestijngebied.
Het zijn solitair levende dieren die in het wild zowel dag als nachtactief zijn.
Dit heeft met de aanwezigheid van voedsel te maken en met roofdieren, in de
lente en zomer zijn ze vaak overdag buiten te vinden, dan is er veel voedsel en
de andere dieren schuilen met de hitte of slapen. In de winter zijn ze vooral in
de nacht actief. Ze houden geen echte winterslaap wel een soort winterrust.
Ze bouwen hun eigen holen, deze hebben vaak 2 gangen naar buiten een in- en een
uitgang. Verder heeft het onder de grond meerdere kamers, voor voedsel, toilet
en slaapruimte.
De holen van de hamsters liggen wel vaak dicht bij elkaar in de buurt, maar ze
leven allemaal gescheiden.
Uiterlijk:
Lichaamslengte: 8-
13 cm.
Staartlengte:
2-3 cm.
Gewicht: 30-45 gram.
De Chinese dwerghamster is een kleine hamster, met een spitse en slanke kop,
witte snorharen, zwarte ogen en grote ovale oren.
De rest van het lichaam is heel langwerpig en ze hebben als enige dwerghamster
een zichtbare staart.
De uiteinden van de haren op
de rug en bovenkant kop is grijs/bruin. De rest van de haar is donkergrijs. De
buik is wit/grijs, met ook de basis van de haren donkergrijs. De staart is dun
behaard net als de oren en de onderkant van de voeten.
De Chinese dwerghamster heeft een zwarte aalstreep, deze begint op zijn
voorhoofd in het midden net boven de ogen en eindigt op de punt van de staart.
Chinese dwerghamsters komen ook voor in het bont (wit met grijs) en in het wit.
Gedrag:
De Chinese dwerghamster is een solitair levend dier. Ze kunnen heel goed
klimmen, zijn erg nieuwsgierig en goed tam te maken.
De diertjes bijten hun verzorger eigenlijk nooit.
Ze hebben grote wangzakken waar ze grote hoeveelheden voedsel mee kunnen
verslepen. Dit doen ze graag. Let er dus op dat je niet teveel voert,
ze verstoppen het overal.
Ze gebruiken hun kleine staart heel behendig tijdens het klimmen.
Huisvesting:
Voor deze kleine klimmers is een verblijf nodig van minimaal 60-30-30. Een
hogere bak is ook mogelijk.
De bak dient veel klim mogelijkheden te bieden en schuilplaatsen. Je moet er
rekening mee houden dat het solitaire dieren zijn, het beste is om ze alleen te
huisvesten.
Er zijn verschillende ervaringen met deze dieren. Meestal gaat per koppel
huisvesten goed, mits ze voldoende ruimte hebben
en de man de vrouw kan ontwijken. Let er wel op dat de man niet nagejaagd wordt,
dan is het beter om ze apart te huisvesten.
Wat ook regelmatig goed gaat is 2 mannen samen. 2 vrouwen is veel
moeilijker en niet aan te raden. Vrouwen zijn erg dominant en zullen met elkaar
blijven vechten om het territorium.
Mannen zijn onderling veel makkelijker, maar ook dit wil niet zeggen dat het
altijd goed gaat.
Als je besluit 2 dieren samen te houden, hou er dan rekening mee dat het op een
dag mis kan gaan en ze alleen gehuisvest moeten worden.
Chinese dwerghamsters zijn op kamertemperatuur te huisvesten. Kouder kan ook,
maar in de winter zal het dier in winterrust gaan.
Voortplanting:
Geslachtsrijp:
1,5 - 2 maanden
Draagtijd: 18-22
dgn.
Aantal jongen: 4-8
Ogen open: 13-15
dgn
Zoogtijd: 3-4
weken
Levensverwachting: 3-4
jaar.
Chinese dwerghamster kunnen zich het
hele jaar door voortplanten mits de temperatuur altijd rond de 20 graden is. In
het wild planten ze zich alleen in het voorjaar en de zomer voort.
Na een draagtijd van 18-22 dagen
worden er 4-8 naakte jongen geboren. Na 13 -15 dagen gaan de oogjes open.
Dan beginnen ze zelf rond te lopen en vast voedsel te eten.
Ze zogen 3-4 weken, het is verstandig de jongen na 5 weken bij de ouders weg
te halen. Met 6 – 8 weken zijn ze al geslachtsrijp, laat je ze bij de ouders
zitten dan zullen er gevechten uitbreken. Ook bestaat de kans dat de zoon de
moeder dekt.
Voeding:
In het wild eten ze veel plantaardige kost zoals; zaden, granen en andere
plantendelen. Verder eten ze dierlijk voedsel zoals; insecten, spinnen en
slakken.
In gevangenschap kun je ze als basis knaagdierenvoer geven met kleine zaden
en granen.
Aangevuld met universeelvoer, meelwormen en kattenbrokjes.
Er moet altijd hooi aanwezig zijn en water, dit laatste is aan te bieden in
een drinkfles.
|